Kennisbank
Zonnepanelen, batterij en laadpaal op het eendraadschema
Bijgewerkt op 02/10/2026 · Pieter Decuyper
Zonnepanelen, omvormer en thuisbatterij staan sinds KB 5/3/2023 (uitvoering vanaf 1/6/2023) als bron op het eendraadschema, met hun kenmerken, en op hun plaats op het situatieplan (AREI Boek 1, 3.1.2.2 a en 3.1.2.3 a). Een laadpaal krijgt een eigen kring, nooit via een stopcontact, met een eigen differentieel van ten hoogste 30 mA die ook DC-foutstromen afhandelt (7.22.3, 7.22.4.1 b).
Hoe komen zonnepanelen op het eendraadschema?
De minimale inhoud van het eendraadschema bevat de bronnen: transformator, zonnepanelen, omvormer en batterij (AREI 3.1.2.2 a). Die bronnen kwamen erbij via KB 5/3/2023, voor uitvoering vanaf 1/6/2023. Voor een huishoudelijke PV-installatie tot 10 kVA vraagt AREI 7.112.2 ook:
| Wat | Eis | Vindplaats |
|---|---|---|
| Bron op het eendraadschema | met kenmerken: aantal panelen, Pmax, omvormer | 7.112.2; 3.1.2.2 a |
| Markering | DC-geleiders en actieve AC-geleiders gemarkeerd | 7.112.2 |
| Waarschuwingsborden | 'Niet onderbreken bij belasting' en 'Elektrische installatie altijd onder spanning' | 7.112.2 |
| Aarding van frame en structuur | beschermingsgeleider minstens die van de AC-kant, minstens 2,5 mm² (mechanisch beschermd) of 4 mm² | 7.112.2 |
Voor een bestaande PV-installatie onder het oud AREI volstaat een schriftelijke beschrijving met foto's in plaats van een situatieplan (8.2.2 punt 7).
Welke gegevens van omvormer en panelen vraagt de keuring?
Het verslag van de gelijkvormigheidscontrole van een huishoudelijke PV-installatie vermeldt het aantal en het vermogen van de panelen, en het aantal, het type, het serienummer en het maximale AC-vermogen van de omvormer(s) (AREI 7.112.4). Het dossier bevat merk, model en vermogen van het geplaatste materieel (9.1.2). Noteer ze dus op de werf, niet achteraf.
Eendraadschema zonnepanelen met batterij
Ook de batterij is een bron die op het eendraadschema moet (3.1.2.2 a). Tabel 2.23 heeft symbolen voor het fotovoltaïsch paneel, de omvormer van DC naar AC en de bidirectionele omvormer AC naar DC (tabel 2.23 H), maar geen symbool voor een batterij. Teken ze met een duidelijk symbool, zet haar kenmerken erbij en neem het symbool op in de legende (3.1.2.1 a, 4e alinea). Zie de symbolen voor het eendraadschema.
Wat vraagt het AREI voor een laadpaal?
Hoofdstuk 7.22 (KB 10/7/2022) geldt voor laadpalen uitgevoerd of vervangen vanaf 1/11/2022. Oudere laadpalen vallen onder de algemene regels (7.22.1).
| Eis | Vindplaats |
|---|---|
| Niet via een stopcontact aansluiten op de vaste installatie | 7.22.3; 7.22.4.2 |
| Elk verbindingspunt een eigen kring met eigen overstroombeveiliging, in het bord of in de laadpaal | 7.22.3; 7.22.4.2 |
| Elke AC-kring naar een verbindingspunt een eigen differentieel van ten hoogste 30 mA, in het bord of in de laadpaal | 7.22.4.1 b |
| Die differentieel werkt ook bij DC-foutstromen (type B), of er is een detectie van residuele gelijkstroom die de lader uitschakelt | 7.22.4.1 b |
| Buiten: minstens IP44 en extra bescherming tegen een redelijkerwijs te verwachten aanrijding | 7.22.5.1 |
| Niet in een ruimte met BE3 | 7.22.5.1; 7.22.5.5 |
| Kan de laadpaal terugleveren: regels voor decentrale productie-eenheden, en op laadpaal en bord 'Opgelet: mogelijke teruglevering van elektrische energie in de installatie' | 7.22.5.4 |
De ACA-gids noemt voor die DC-detectie 6 mA; de AREI-tekst spreekt van een 'detectieapparaat voor residuele gelijkstroom'.
Eendraadschema laadpaal: hoe teken je hem?
Figuur 3.1 van het AREI toont de laadpaal op een eigen differentieel, 'DIFF 3' met '40/0.03A Type B', met een eigen automaat. Het symbool van de laadpaal (tabel 2.23 G) is een staande pompvorm op een sokkel met 'V E / E V' en een slang met stekker. Zet bij de kring zoals bij elke kring het kabeltype, de sectie, het aantal geleiders en de plaatsingswijze (3.1.2.2 a). Meer over het schema zelf in eendraadschema tekenen.
Situatieschema laadpaal
Op het situatieplan staat de laadpaal op zijn plaats, net als de andere vaste toestellen en bronnen van het eendraadschema (3.1.2.3 a), met kringletter en nummer uit het eendraadschema (3.1.2.1 a, 6e alinea). Staat hij buiten, dan geldt de eis van IP44 en bescherming tegen aanrijding (7.22.5.1). Voor andere toestellen buiten kies je zelf de vochtklasse; lees daarvoor uitwendige invloeden.
Aandachtspunt: hoeveel stroom kan er door je differentieel?
Meer over differentiëlen in de 30 mA-regels.
Zonnepanelen en laadpaal in Elektrifiche
In Elektrifiche geef je panelen een string en vul je bij omvormer, thuisbatterij en laadpaal merk, model, serienummer en vermogen in. Achter de omvormer tekent de app de DC-kant met de strings en een batterij aan de DC-kant; een AC-gekoppelde batterij staat op haar eigen kring. Bij een laadpaal duid je aan waar de bescherming tegen DC-foutstroom zit en of hij kan terugleveren. Vul je de hoofdzekering in, dan rekent de app de stroom door elke differentieel na en geeft een waarschuwing. Het blijft een hulpmiddel: jij blijft verantwoordelijk, het erkend organisme beslist. Vraag een demo.
Vragen over zonnepanelen en laadpalen
Moeten zonnepanelen op het eendraadschema?
Ja. Zonnepanelen, omvormer en batterij horen als bron op het eendraadschema (AREI 3.1.2.2 a), met het aantal panelen, Pmax en de omvormer (7.112.2). Dat geldt sinds KB 5/3/2023, voor uitvoering vanaf 1/6/2023.
Moet een laadpaal op een differentieel type B?
De laadpaal heeft een eigen differentieel van ten hoogste 30 mA die ook bij DC-foutstromen werkt (type B), of een differentieel plus een detectie van residuele gelijkstroom die de lader uitschakelt. Beide mogen in het bord of in de laadpaal zitten (AREI 7.22.4.1 b).
Mag een laadpaal op een stopcontact?
Nee. Een laadinrichting mag niet via een stopcontact op de vaste installatie aangesloten worden; elk verbindingspunt heeft een eigen kring met eigen overstroombeveiliging (AREI 7.22.3; 7.22.4.2).
Is overspanningsbeveiliging verplicht bij zonnepanelen?
In AREI Boek 1 is geen concreet voorschrift voor woningen gevonden; 4.5.1 vraagt bescherming tegen overspanning volgens de regels van goed vakmanschap. Laat het bij twijfel bevestigen door het erkend organisme.
Welke gegevens van de omvormer moet ik bijhouden?
Het keuringsverslag vermeldt aantal, type, serienummer en maximaal AC-vermogen van de omvormer(s) en het aantal en vermogen van de panelen (AREI 7.112.4). Het dossier bevat merk, model en vermogen van het materieel (9.1.2). Zie ook het keuringsdossier.